DE (DOOR)WERKING VAN GODS WOORD

Pastor W. Boerkamp O Carm

 

15-door het jaar-A
Mt.13,1-23
+website- www.bewustchristen.nl -2008-spirituele overweging-w.boerkamp o.carm.-groen


Gods woord werkt als water dat in de grond trekt
Zoals regen uit de hemel de aarde doordrenkt,
haar vruchtbaar maakt en met groen bedekt,
haar zaad geeft om te zaaien en brood om te leven,
zo is het ook met het Woord, uit mijn mond, zegt God,
het doen wat Mij behaagt en zijn zending volbrengen
Het keert niet leeg tot Mij terug (Jesaja 55,10-11)

De parabel over een zaaier die uit gaat om te zaaien
Over God en zijn Koninkrijk kun je alleen maar
spreken in beelden, verhalen en gelijkenissen.
De gelijkenissen van Jezus hebben een uitgesproken
persoonlijk karakter en ze zijn uniek in hun eenvoud en helderheid.
Ze verwijzen boven zichzelf uit naar een diepere werkelijkheid
die je niet kunt begrijpen, maar waarover Hij toch iets wil zeggen.
De zaaier is God de Vader, is Jezus zelf, het is de mistagogische
voorganger in de viering of de moeder met het voorbeeld.
Het zaad is het Rijk Gods, het geloof, de boodschap, het voorbeeld.
Ze hopen allemaal op vette aarde en niet op de harde weg
of op rotsige bodem of op grond tussen distels en doornen.

De regen is het beeld voor de (door)werking
Als de regen eenmaal gevallen is gaat het water
zijn eigen weg in de grond en doordrenkt het de aarde.
Het sijpelt in eigen tijd en plaats door in de grond
en het gebeurt in het geheim zonder dat je er iets van ziet.
Terwijl de boer slaapt wordt de grond vruchtbaar
en brengt de aarde uit zichzelf allerlei zaden voort
en laat het planten boven de grond uitkomen.
Zo werkt het water, maar dat geldt ook voor het zaad zelf.
Eenmaal gezaaid in vruchtbare grond werkt het uit zichzelf.
Het kan niet meer van plaats veranderen,
maar mensen die het horen kunnen wel veranderen.

Gods woord werkt in situaties en omstandigheden van mensen.
Kunnen wij ons nog laten omvormen door het Rijk Gods?
Durven wij het rijk Gods nog te verkondigen
en zieltjes te winnen zonder sprakeloosheid en zonder ophouden?
Vooral als wij toch de eerste gaven van de Geest
hebben ontvangen en wachten op onze verheerlijking.
De hele natuur maar ook wij zelf zuchten en kreunen
immers in zinloosheid en in barensweeŽn.
Dan moeten we toch gevoelig voor zijn voor de
openbaring van dat wij kinderen-van-God-zijn. (Rom.8,18-23)
Hoe het gaat met de werking van Gods woord.
Zo is het trouwens met ieder woord dat wij zelf spreken.
Als het gesproken woord onze mond eenmaal verlaten heeft
gaat het zijn eigen weg en je weet nooit precies
of en waar en wanneer en hoe het overkomt bij andere mensen
en hoe die het al of niet horen met een verkeerd oor.
Wie oren heeft hij luistere, zegt Jezus halverwege het verhaal
Het woord heeft een afzender, die zijn woorden
goed moet wegen voor zichzelf en die moet weten wat hij zegt,
maar het woord werkt tegelijk ook uit zichzelf.
Als ik bij voorbeeld iemand uitscheldt wordt hij boos en
als ik lieve woorden zeg dan werkt dat ook uit zichzelf.
Je bent vervolgens met je gesproken woord dus ook
een medium in het komen van God in zijn woord
en het woord heeft een bepaalde inhoud die moet overkomen.
En als derde heb je te maken met een ontvanger,
die goed moet kunnen en willen horen en luisteren
wat er gezegd wordt en dat in zijn hart opnemen
en laten doorwerken in zijn leven:
Jezus is daarbij het levende Woord uit de hemel neergedaald.
Al meer dan 2000 jaar heeft Hij als bron van nieuwe inspiratie
een grote kiemende uitwerking gehad op deze wereld.

De parabel over het onkruid en het koren
Het gaat vooral over ons als ontvangers van het woord.
De manier waarop we horen en luisteren,
zodat de woorden al of niet tot ons doordringen.
Aan God al het niet liggen, want die blijft overal kwistig zijn woord strooien.
Ook Jezus leeft van Gods overvloed door alles heen.
Maar wat doe je als het uur van de oogst op zich laat wachten?
Kun je dan in Jezus de figuur van de Messias nog blijven zien?
Wat doe je als de akker van de wereld onder onkruid komt te staan?
Heb geduld, want kruid en onkruid zijn eerst nog vervlochten.
Eenmaal gerijpt en sterk kun je het koren goed scheiden van onkruid.
Waar het onkruid vandaan komt is een bitter raadsel.
Misschien zijn we niet waakzaam genoeg en ligt het aan ons zelf.
Maar misschien heeft het onkruid zijn bestaan ook wel
aan ons danken of was het er al voor dat de mens op aarde kwam?
Onze nalatigheid kan een woestenij van de aarde maken,
maar wie is die duivelse gestalte dan die sínachts het onkruid zaait?

De herkomst van het onkruid kan vele oorzaken hebben.
Het loopt in het concrete dagelijks leven allemaal door elkaar
en het een zit vaak verstrikt in het andere wat moeilijk te zien is.
Het aanzien van kruid en onkruid kan nog wel eens veranderen
en zo is het ook met mensen die je nooit kunt afschrijven.
Laat beide samen opgroeien tot de oogst, want zo is Jezus zelf
ook uitgeroeid door mensen die dachten dat Hij onkruid was.
Die zuivering is bij ons mensen dus niet in goede handen.
Bidden wij dat Gods liefde door ons heen kan stromen. Amen.