SACRAMENTSDAG ALS WITTE DONDERDAG

Pastor W. Boerkamp O Carm

 

Sacramentsdag-B
Marcus 14,12-16 en 22-26
+website: www.bewustchristen.nl-2009-spirituele overweging- w.boerkamp o.carm.-groen



Een vreemd Joods paasmaal zonder lam?
Alles wordt heel nauwkeurig beschreven,
maar je vraagt je af waar het paaslam is.
Het doet mij denken aan het verhaal van Abraham,
die zijn zoon wil offeren, maar ook Izaaak vraagt zich af waar het offer is.
God zal er in voorzien, zegt Abraham.
Deze maaltijd van Jezus met zijn leerlingen is het paasritueel,
maar toch heel anders, want waar is het paaslam dan?
Daar is nergens sprake van.
Wel gaat het helemaal over eten en drinken,
breken en delen, Uitdelen, Uitgieten, Wegschenken, Zichzelf.

Jezus zelf als priester, altaar, offergave en tempel
Op Witte Donderdagavond zien wij,
dat Jezus zelf de hogepriester is,
zoals de HebreeŽnbrief zegt.Hij zelf is het altaar,
waarop wij ook ons zelf en onze eigen gaven aanbieden aan God..
Hij is zelf de offergave aan God en zijn lichaam en persoon
is woning van God en tempel van de H.Geest:
Want Hij verwijst hier al naar het drinken van
de nieuwe wijnoogst in het koninkrijk van God.

Geheim van liefde
Het paasmaal eten is voor Joden een groot gebeuren.
Dus ook voor Jezus en zijn leerlingen.
Het wordt met zorg voorbereid
en het heeft voor Jezus juist nu een grote geladenheid.
Hij moet er emotioneel sterk bij betrokken zijn geweest.
Zo vlak voor zijn dood en afscheid van zijn vrienden.
Het brood en de wijn zijn voor Hem
levende symbolen van zijn bloedeigen leven.
Hij heeft geleefd voor God, zijn Vader, zijn wil volbracht.
En Hij heeft zich met hart en ziel bekommerd om mensen die in nood verkeren:
Zijn leven wordt getekend door bevrijding.
Hij herinnert zich de geschiedenis van zijn volk.
Hij voelt er zich een mee en in deze sfeer van liefde
kan Hij bij deze maaltijd zeggen: Dit is mijn lichaam, dit is mijn bloed.
Dit ben ik, Voedsel voor jullie, opdat jullie mij niet zullen vergeten
En vooral opdat jullie zullen doen wat ik heb voorgedaan.
In dit uur vlak voor zijn lijden en dood is hij geheel in liefde verankerd.
Gods aanwezigheid laat Hem niet los.
Vol vertrouwen op Gods onvoorwaardelijke liefde ziet hij zijn leerlingen aan
en zegent hij de eenvoudige symbolen van brood en wijn,
die zo veel voor Hem en zijn volk betekenen.
Wij eten en drinken om in leven te blijven.
Wij eten en drinken om dat te worden wat we eten en drinken
Pesach is het slachtoffer: door te eten wordt je het lam.
We eten en drinken het lichaam en bloed om te worden wie Hij is,
opdat zijn leven in ons gestalte mag krijgen:
Mijn leven geven voor de ander: daar gaat het vandaag om.
Hier mijn lijfeigen bestaan voor jou.
Niet ik leef, maar Christus leeft in mij.
Doe dit tot mijn gedachtenis.
Maar wat betekent dit eigenlijk?
De dankzegging uitspreken? Of: het brood breken?
En daarbij zeggen: hier mijn lijfeigen bestaan?
Of is het eerder: Brood aannemen en eten?
Het brood ontvangen en verteren en drinken uit de beker?
Doen we dit niet tot zijn gedachtenis, zegt Paulus?
Belangrijk is dat wij het brood breken
en de beker drinken en dat wij ontvangen.
We zien dit al bij de uittocht uit Egypte nadat het paaslam is geslacht:
allen eten ervan, thuis, sínachts, staande, haastig.
Dit is het Pesach oftewel het voorbij-gaan-van-de-Heer.

Allen ontvangen van het ongedeelde leven van het paaslam.
Wezenlijk is, dat wij het paaslam, dat voor ons werd geslacht,
de Messias, ontvangen, bij ons toelaten.
En ons te binnen brengen: Doe dit tot mijn gedachtenis.
Het is niet zo gemakkelijk werkelijk te eten en te drinken
en werkelijk Gods goedheid bij mij zelf toe te laten.
Het is moeilijk Gods liefde aan mij te laten gebeuren,
of nog erger: te gaan beseffen,
dat Gods liefde reeds aan mij is gebeurd
en nog steeds aan mij gebeurt voor ik er zelf een vin voor verroer
en voor ik ook maar iets voor hoef te doen.
Wij verrijzen niet, wij worden verrezen.
We staan niet op, we worden opgestaan.
We ontwaken niet, we worden wakker geschud.

Doe dit tot mijn gedachtenis
Dat is ontvangen, eten, drinken,
Gods liefde aan mij laten gebeuren,
Laten wij dan eten en drinken.
Laten wij Hem te binnen brengen.
Doe dit tot zijn gedachtenis
Dat zijn liefde zich in mij ontplooit
Dat zijn goedheid ons doorstroomt.
Dat zijn leven in ons ontwaakt.
Mogen wij in het voetspoor van Jezus
ook in eenvoudige tekenen en in ware mensen
Gods liefde aanwezig weten:
Wees maar Gods liefde in mij,
wees maar liefde in mij, God.